IPO

Africhtingsprogramma (IPO)
Het eerste onderdeel is Afdeling A Speuren.
Dit onderdeel van de africhting is voor de hond het meest natuurlijk. De hond heeft een reukvermogen waardoor deze geuren kunnen oppakken die voor mensen niet waarneembaar zijn. De hond wordt aangeleerd een spoor te volgen met voorwerpen die door een persoon is uitgelopen. Dit spoor kan op verschillende ondergronden zijn uitgelegd, zoals akkers, weilanden en grasvlaktes. Het spoor moet een bepaalde tijd liggen voordat het door de hond uitgelopen mag worden.
Als de hond het spoor uitloopt moet deze dit zo intensief mogelijk doen. Hoe dieper de neus van de hond in de grond gedrukt zit, hoe intensiever de hond speurt. Als de hond één van de voorwerpen tegenkomt wordt er van de hond verlangd dat deze het voorwerp verwijst of apporteert. Het verwijzen kan staand, zittend of liggend. De voorkeur is liggend.
Binnen het IPO-programma bestaan er drie verschillende niveau’s in het programma: IPO 1, IPO 2 en IPO 3. IPO staat voor Internationale Prüfungs Ordnung. Het uitwerken van het spoor wordt beoordeeld door een keurmeester. Op examens en wedstrijden wordt hij/zij bijgestaan door een examenleider.
Ook kan gebruikt gemaakt worden van gediplomeerde spooruitzetters en/of spoorleggers. Ook bestaat de mogelijkheid om met je hond te trainen voor het Speurhond certificaat.
In deze categorie heeft men de mogelijkheid om voor Sph I of Sph II te gaan.

Het tweede onderdeel is Afdeling B Appèl.
Het appèl vormt het bewijs dat de hond beschikt over werkcapaciteiten en intelligentie, omdat ze in het wild geen commando’s kennen.
Binnen het appèl wordt de hond aangeleerd om diverse oefeningen uit te voeren, zoals volgen aan de lijn, los volgen, apporteren, vooruit sturen en de sta-oefening. Ook dit laatste is weer tegen alle driften van de hond in, omdat er eerst wordt aangeleerd bij de geleider te blijven om vervolgens weggestuurd te worden door de geleider. U begrijpt dus dat de communicatie tussen geleider en hond optimaal dient te zijn. Dit onderdeel van de africhting keert bij iedere tak van de hondensport weer terug: onder iedere omstandigheid luisteren naar de geleider. Ook in de huidige samenleving wordt het steeds belangrijker dat alle honden onder appèl moeten staan. Appèl is tevens het onderdeel in de africhting waarbij de geleider en de hond samen één team vormt. Echter het appèl is tegen de natuurdriften in van de hond. U bent voor de hond het allerbelangrijkst, ongeacht wat er om de hond heen gebeurt. De hond leert niet te reageren op het afvuren van een pistool, niet te reageren op andere mensen terwijl de geleider en zijn hond door een groep mensen heen loopt en af te liggen zonder op de andere combinatie, die nu hetzelfde uitvoert, te reageren.

Alvorens de hond aan het IPO examen mag deelnemen, moet deze eerst zichzelf bewijzen met het Verkeerszekere Hond examen. In dit VZH examen moet de hond aantonen dat deze in het alledaagse leven te vertrouwen en gehoorzaam is.

Het derde onderdeel is Afdeling C Pakwerk.
Pakwerk is het spectaculairste onderdeel binnen de africhtingsport.

willeke_adriaanse_fotografie_hond-3

Het is ook het onderdeel waar de meeste, vaak onterechte, vooroordelen over bestaan. Er wordt vaak beweerd dat dit onderdeel er voor zorgt dat de hond een agressieve hond wordt. Ook als men over het bijtwerk praat, of te wel het pakwerk binnen de africhting, creëert men al gauw de vooroordelen dat het om een agressieve sport gaat.

Het pakwerk binnen de africhting moet aan strenge eisen voldoen. Ook hier wordt weer duidelijk, dat de hond strak onder appèl moet staan voordat aan het echte pakwerk begonnen mag worden. Er zijn dus ook geen agressieve honden gewenst, het moet dan ook duidelijk zijn dat dit onderdeel een sport is evenals het speuren en het appèl. De hond wordt aangeleerd om op een speciale mouw te bijten. Hierdoor bijt de hond alleen maar als men deze mouw aan heeft en niet zomaar op elke willekeurige arm of andere lichaamsdelen. Tijdens het pakwerk wordt tevens de belastbaarheid van de hond getest. De geleider staat tijdens het programma vaak op een grote afstand en de er wordt dus van de hond verwacht dat deze genoeg moed en vechtlust bezit om het werk alleen op te knappen. Vooral in de bewakingsfase wordt de belastbaarheid van de hond getest.
De hond wordt opgebouwd beginnend met een jute zak. Van hieruit gaat men over op een bijtrol waarna een jonge hondenmouw de volgende prooi is. Uiteindelijk moet de hond in staat zijn om op een harde mouw goed te bijten. De hond wordt geleerd dat de mouw de prooi is en dat de hond daarvoor moet werken. Tijdens het pakwerk moet de hond een volle vaste en harde beet tonen. De hond moet onder alle omstandigheden blijven bijten, ook als er stem- en stokdreigingen van de pakwerker zijn. Deze stokslagen worden gegeven met de softstok en worden geplaatst op de beschermde delen van het lichaam van de hond. Tijdens het pakwerk moet de hond goed kunnen omschakelen van de drift nodig voor het bijten tot een goed onder appèl staande hond. Ook het pakwerk wordt weer binnen het IPO-programma aangeleerd volgens het IPO 1, IPO 2 en IPO 3 programma, dus zijn wij sportgericht bezig en zijn we op geen enkele wijze praktijkgericht.
Tijdens het pakwerk is men niet alleen afhankelijk van de geleider en de hond, maar ook van de pakwerker. De pakwerker wordt aan strenge eisen en regels onderworpen om zijn licentie te behouden.